zondag, januari 02, 2022

Verhaal 12 December ’21 “ Pluk de dag.”

 

Zoals uit het vorige blog al blijkt begint december met een zwarte dag. Om 4 uur in de ochtend overlijdt mijn vader op 91jarige leeftijd. En nog is het te vroeg en te onverwacht. Dit blog draag ik aan hem en mijn moeder op. Een bijzondere man, niet altijd even makkelijk maar vol inspiratie, reislust, zin in avontuur en bijzondere ondernemingen. Wie kan zeggen dat hij/zij een vader had die op 25jarige leeftijd naar Congo vertrok met zijn vrouw van 20 jaar, totdat in 1960 Congo onafhankelijk werd en mijn moeder met drie kleine kinderen met de boot terugkeerde naar België. Mijn vader kwam later. In Congo was hij belastingontvanger, in België godsdienstleraar op een technische jongensschool in Gent. Hij onderrichte eerder in maatschappijleer dan in godsdienst en ging regelmatig tegen de regels van de katholieke meisjesschool waar ik op zat in. Hij stelde zich op als voorvechter als hij het niet met de regels eens was op een dusdanige manier dat de nonnen zwichtten. Waarom zou zijn dochter alleen blauw, wit en grijs mogen dragen? Waarom geen rood, de kleur van het bloed van Jezus Christus? En ziedaar, ik mocht ook rood dragen en met mij ook andere meisjes. Waarom zou zijn dochter in de winter geen lange broek aan mogen en alleen maar een rok? Moest ze dan blaasontsteking krijgen? En ziedaar ik mocht een lange broek aan en met mij ook andere meisjes. Waarom zouden zijn dochters geen kleurige kleding mogen dragen voor hun plechtige communie i.p.v. de lange witte jurk die je maar één keer aan kan? Enz.

De mooiste herinneringen zijn de vele weekenden op een camping aan zee waar we naar hartenlust door de duinen konden struinen met elkaar en met vriendjes. Het enige waar we ons aan moesten houden was op tijd terug te zijn bij de caravan om te eten. Mijn vader was een uitstekende kok, mijn moeder trouwens ook.  Te laat komen was geen optie. We hebben het plezier in koken van hen beiden meegekregen.

Alle vakanties met  Kerst, Pasen en zomer reisden we met het gezin in een gele Ford Transit bus naar Spanje. Eerst nog op campings, later naar de flat waar ze nog steeds samen waren.

Andere mooie herinneringen heb ik overgehouden aan de tijd dat mijn ouders een Kleinkunsttheater hadden in Gent. Elke vrijdag traden Vlaamse of Nederlandse artiesten op. Als wij 5 kinderen uit school kwamen  moesten er broodjes belegd worden terwijl mijn vader in enorme pannen soep stond te roeren. In de pauzes van de optredens werd soep met broodjes geserveerd. Ik vond het geweldig als ik met een schortje om soms in de bediening mocht helpen en de artiesten van dichtbij achter de schermen kon meemaken. Het waren niet de eerste de beste artiesten: Ramses Shaffy, Liesbeth List, Jasperina de Jong, Don Quishokking, Miel Cools, Willem Vermandere, Wannes van de Velde, Zjef Vanuytsel… en nog zoveel meer. Maar wat als je eigen moeder optreedt met gedichten van García Lorca, begeleid door Dirk Lambrechts met flamencomuziek op Spaanse gitaar. Dan glim je.  Ook voor mijn broers en zussen is dit een deel van onze jeugd. Alles stond in die periode in het teken van het theater, van mensen contacteren. Later ben ik nog wel eens naar Miel Cools en Liesbeth List toe gestapt na een optreden in het theater Geert Teis in Stadskanaal. Ook al zat er toen meer dan 30 jaar tussen, ze herinnerden zich het theater van Lieve en Marcel maar al te goed. Toen het theater na drie verschillende locaties steeds afgekeurd werd door de brandweer hebben mijn ouders zich gericht op een radioprogramma bij de VRT. Elke vrijdagavond zonden ze een half uur lang kleinkunstliedjes uit met fragmenten van interviews die ze afgenomen hadden met de artiesten. Naast hun gewone werk als godsdienstleraar en lerares dictie en voordracht, waren mijn ouders bezig met grote audiobanden waarop de interviews waren opgenomen: letterlijk knippen en plakken van stukken band om hun radioprogramma te maken. Wij vonden het toen heel normaal, het hoorde bij ons gezin. Pas later besef je hoe speciaal het was en hoe fanatiek zij waren. Geen half werk. Mijn neef Lieven noemde hen terecht  “onlosmakelijk met elkaar verbonden. In zijn gezin werden mijn vader en moeder  als één naam uitgesproken: “Marcelenlieve”

Een andere herinnering is zijn liefde voor klassieke muziek. Zelf speelde hij in mijn vroege kindertijd op de banjo . Mijn broers en ik gingen naar notenleerles op de muziekschool . Mijn jongste broer speelde dwarsfluit, mijn oudste broer mondharmonica en ik klassieke gitaar.

Hij schilderde graag en goed. Zowel in de huiskamer in Gent als in de huiskamer in Spanje hingen een aantal van zijn schilderijen. In Gent hingen in de veranda aan een zonnig oranje geverfde muur twee schilderijen van Spaanse straatjes waar ik van begin af aan verliefd op was. Ik zie hem nog zitten in Spanje op straat met een schildersezel, een palet met vele kleuren in zijn hand, werkend in een vlotte stijl met paletmes en kwast. De artritis dwong hem deze hobby op te geven.

Toen hij 50 werd kon hij vervroegd op pensioen, meegerekend de dubbeltellende werkzame jaren in Congo. Vanwege vele klachten bij mijn vader van reumatische artritis maakten mijn ouders de overweging in Spanje te gaan wonen. Het zonnige droge klimaat deed hem goed. Stilzitten lag niet in zijn aard: ze kochten een stuk grond op een berghelling in de buurt van hun appartement in Almuñecar en plantten er avocadobomen . Ze maakten er samen een topplantage van en verkochten de avocado’s aan de groothandel. Dat zullen er hen niet veel nadoen.  Het dakterras van hun appartement was een bloementuin, zijn grote hobby.

Maar daarom is ons verdriet en het gemis niet minder groot, voor mijn moeder die haar maatje / gesprekspartner moet missen en voor ons die geen vader meer hebben.

Twee van zijn bakken met geraniums staan nu op de steiger, vanuit de kuip goed zichtbaar. Elke ochtend als ik er langs loop om broodjes te halen groet ik hem. Elk geraniumblaadje dat in het water valt, elke traan die ik pleng is voor hem.

We hebben heel veel reacties gekregen en steunbetuigingen, een hart onder de riem en dat doet goed.

Van Carla de mooie woorden:

“Laat je tranen gaan, ze zijn voor je pa.

Elke traan is een herinnering,

Elke herinnering is troost.

Troost is liefde.

Liefde is oneindig.”



Van mijn nicht Hilde:

“Papa’s sterven niet.

Ze glijden hooguit naar de overkant.

Ze leven verder in wie blijft,

In woorden en gedachten,

In verhalen, gevoel en tederheid.”

Op de dag van de crematie brengt de lucht ons nog meer in de verdrietige stemming. Tegen “tapa-tijd “ is de hemel schoongeveegd en proosten wij op zijn gezondheid met een biertje en een tapa zoals hij en mijn moeder nog elke dag deden en daar van genoten.


Per 1 december heeft Portugal de coronaregels aangescherpt. Om Portugal binnen te komen is ons geval  een antigeentest nodig. Dat doen we voor de zekerheid in Almuñecar voordat we vertrekken. We zijn beiden negatief en kunnen gaan, Vol verwachting klopt ons hart of er bij de grensovergang bij Ayamonte controle zal zijn. Natuurlijk kan iedereen er gewoon doorrijden en was de negentig euro, contant te betalen, voor niets. Negentig euro om te weten dat we negatief zijn en om ons in te dekken.

Portimão komt in kerstsfeer. Ook op Salon gaan de lampjes aan in de salon.





Het weer is nog aangenaam; het is mogelijk om buiten op een terras iets te drinken in de zon of mooie wandelingen te maken langs het kustpad bij de vuurtoren.





Er kan nog gesurft worden en ik waag het nog te zwemmen bij het strand zonder pak aan. Kan best mits de zon schijnt en er niet te veel wind staat. Ik duik onder water om plastic zakken om de schroeven te binden zodat de kans op mosselaangroei minder wordt.





Frits heeft een flinke klus, deze keer op de catamaran van Rob en Ineke.  Rob had in onze afwezigheid al een nieuwe vloer gemaakt in de bak onder het voordek waar zijn watertanks staan. Het hout van de vloer was totaal verrot. Iemand van de werf had de bak geschuurd; Rob en Frits hebben de moeilijke klus verder samen gedaan zodat Rob zou leren met epoxy en glasmat te werken. Een dag om de bak in de epoxy te zetten en een dag om af te werken met glasmat en epoxy. Eén kant van de bak loopt rond omhoog en er is bijna geen ruimte om te bewegen. Maar het is gelukt, de klus is geklaard dankzij ook de assistente Ineke die alles aangaf wat nodig was .





Op Salon valt ook altijd wel iets te doen of te repareren. Als Frits de schoongemaakte bijboot optakelt breekt de scepter af waar het gewicht van de bijboot aanhangt. Het houtwerk moet geschuurd en in de epoxy gezet worden. Er moet een nieuw blokje gemaakt worden van hardhout dat met glasmat en epoxy bevestigd wordt. Een paar keer grondverven en aflakken. Omdat Frits de bijboot niet meer aan de scepter wil ophangen schroeft hij een stuk draadstang met nieuw oog in de achterbalk. Als alles met epoxyplamuur goed vast zit kan de bijboot daar aanhangen.



Tot 20 december is het aangenaam weer met een blauwe boventoon in de lucht. Daarna volgen dagen van hele harde wind waarbij het loeit door de masten alsof een orkest repeteert voor het grote moment van de uitvoering. Er volgen dagen met heel veel regen , onweer en zelfs een ferme hagelbui terwijl de thermometer toch 17 graden of meer aangeeft. Het half uur dat het even droog is glippen we de pier op bij het strand en zijn nog net getuige van de vlammende kleuren na zonsondergang, als een duveltje uit een doosje,  voordat het grijze wolkendek zich weer sluit en de regen met bakken op het kajuitdak plenst.






En terwijl Nederland in volledige lockdown verkeert, gaat het leven hier vrijwel normaal door. Dat betekent echter niet dat het hier niet gevaarlijk kan zijn !



Om een beetje kleur in de grijze week te brengen hebben we de keuken gepimpt.



Het is een gezellige tijd net als in Nederland met regelmatig afspraakjes met vrienden of bekenden in de haven.  Op 1ste Kerstdag zijn we uitgenodigd door Bernd en Christel voor een koffietafel bij hen thuis in Portimȃo na een toevallig gesprek op de steiger. Hun boot ligt hier ook maar aangezien hij 82 is wordt er niet veel meer gevaren. Christel is 69 en werkt als arts in het ziekenhuis van Portimȃo. Ze zijn Duits maar hebben heel lang in Brazilië gewoond en gewerkt en nu wonen ze al heel lang in Portimȃo. Naast varen is hun grote passie musiceren.

 Tapas maken samen met Josje en David die ons uitnodigen voor 2de Kerstdag; meehelpen met appels schillen voor de oliebollen met appel en rozijnen. De mannen bakken de oliebollen en later kan bij wijze van spreken iedereen uit de haven op de steiger Glühwein drinken en oliebollen verschalken. Schalen vol. Voor de Nederlanders gesneden koek maar voor de Engelsen, Polen, Duitsers en anderen is het heel bijzonder. ( In het Duits heet het : “frittierte Donutbälchen”; een oliebol is toch makkelijker om op te eten.) 





Bij Rob en Ineke eten voor een speciaal diner als dank voor Frits zijn hulp.



Een wandeling langs het strand.


En dan komt het eind van 2021 in zicht. En wel met een stralend blauwe lucht en zomerse temperaturen op oudejaarsdag. Het is strandweer en daar wil iedereen van profiteren.





In Zuid Afrika vieren ze de tweede verjaardag van Josephine lekker buiten. Het is er zomer.


In Tanzania knallen de kurken voor het Nieuwe Jaar drie uur eerder dan bij ons.



Wij vieren Oud en Nieuw wel heel bijzonder.  Bernd en Christel nodigen ons uit bij hen thuis samen met nog een Duits stel van 82 dat hier in de haven op hun boot woont. Ze hebben alle wereldzeeën bevaren. Er voegt zich nog een Duitser van Frits zijn leeftijd bij met een Braziliaanse vrouw iets jonger dan ik, ook zeilers die overal geweest zijn. Zij en ik zijn de “broekies”. Het is super leuk. Iedereen heeft een onderdeel van het uitgebreide diner klaargemaakt en alles smaakt voortreffelijk. Hun prachtige huis leent zich uitstekend voor dit soort etentjes. Ondanks dat er Duits, Portugees en Spaans door elkaar gesproken wordt kan iedereen met iedereen praten. Op het dakterras wordt de champagne ontkurkt en kijken we naar het vuurwerk op de pier bij de haven. Een frisse wind jaagt ons al snel weer terug naar de behaaglijke warmte van de houtkachel. Muziek uit de oude doos wordt opgezet en de oudjes en de broekies gaan met de voetjes van de vloer en twisten het nieuwe jaar in. Een goed begin toch?









 






 












 

donderdag, december 02, 2021

Verhaal 11 November ’21 “Het blijft nog lang zomeren.”

 

Waren de laatste twee dagen van oktober grijs van de regen, het deerde de Portugezen in Alvor niet om op 31 oktober voor Halloween wat vuurwerk af te steken. Op 1 november laat de zon zich slechts even een tijdje zien tussen regenbuitjes door. Het deert de Allerheiligen niet om bij zonsondergang hun vuurwerk af te steken! Het knalt niet maar brandt wel.


Op 4 november zwaaien we Alvor gedag en een uurtje later ankeren we in de mooie baai bij Portimão. Rob en Ineke zijn er ook en dat komt goed uit om samen in Ferragudo te eten en om met de watermaker bezig te gaan die soms niet op druk komt. Rob is onze expert en helpt graag.                   Er komen nog vrienden uit Groningen de baai binnenvaren. Een gezellig weerzien; met hen hebben we heel wat voetstappen geklauterd op de Canarische Eilanden in 2016 – 2017. Net als toen is binnen de kortste keren een strandborrel georganiseerd en daaruit voortvloeiend samen Indisch koken en samen eten met een groep aan boord van het Groningse schip.


Er zijn wel wat klussen te doen. Frits maakt met de nieuwe koppelingen die we uit Nederland meegenomen hebben het nieuwe buizen en kranenstelsel van het toilet definitief netjes.

De motor van de bijboot wou niet starten op de grote tank van 10 liter. Er zat condenswater in de benzine en daar was de motor het niet mee eens. Frits tapt het af in een fles en daar is goed te zien hoe het water, zwaarder dan benzine, naar onder zakt.


We zijn op zoek naar krimpfolie om voor de ramen te plakken zodat er “dubbel glas” ontstaat. Het is overdag dan nog wel zomers warm maar zodra de zon het voor gezien houdt keldert de temperatuur en straalt de kou van de ramen. We zijn met z’n tweetjes al eens naar de stad gelopen zonder resultaat. Gilda biedt aan om met haar auto op speurtocht te gaan, deze keer mét resultaat.  En dus is Frits twee dagen bezig met meten , knippen en plakken van het plastic nadat ik alles schoon gemaakt en ontvet heb. Als het vast geplakt zit föhn ik het plastic warm en het trekt daardoor helemaal strak. Je kan er goed doorheen kijken en het scheelt inderdaad in koudestraling.




Het thermokoppel van één van de gasbranders van het gasstel is naar binnen geschoten en niet meer te pakken te krijgen. We dubben over een elektrisch kookplaatje aanschaffen totdat Frits op het idee komt om de hele oven uit te bouwen. Dat gaat gelukkig iets makkelijker dan gedacht. Vanaf de zijkant kan Frits met een schroevendraaier door een gleuf het thermokoppel weer omhoog duwen door het minuscule gaatje. Een groot probleem is hiermee van de baan. Mooie gelegenheid om de hele oven buitenom eens schoon te maken met een ontvetter.


Het blokje waar het oog op geschroefd zit met daar het staalkabeltje aan om de uithouders voor de bijboot op spanning te houden, komt los van de achterwand van de boot. Als het afbreekt , breekt ook de uithouder met bijboot af. Frits maakt een nieuw oog in de dikke achterbalk en repareert het blokje met epoxy. Hij maakt een nieuwe staalkabel aan het oog.

Op de laatste dag van november, de laatste dag in volle vrijheid voor anker voor het strand, is Frits nog druk bezig de watermaker in orde te maken. Hij blijkt toch ergens minimaal te lekken en lucht aan te zuigen. Hij heeft alles losgehaald en de klemmen nagekeken, ander tape er tussen gezet en vaster aangedraaid . Het is moeilijk te vinden waar de oorzaak ligt. Of ligt het aan een scheurtje? Het lukt Frits om hem weer klaar te krijgen. Ik heb altijd het volste vertrouwen in zijn technische gehocuspocus.


De baai bij Portimão is prachtig om er te wandelen over de pier maar tevens over een rotsig stenig kustpad. Met het bijbootje naar een klein strandje, een hoge trap op klauteren en dan het rotspad volgen naar de vuurtoren vanwaar we een prachtig uitzicht hebben..


In het driehoekje witte catamarans zijn wij de kleinste, meest rechtse.



Een nadeel van Portimão zowel in de zomer als nu is de veel te harde muziek. Zomers een beat vanaf het strand en nu vanaf de kermis in de stad vanwege Sint Martinus. Het duurt al meer dan een week elke avond tot midden in de nacht muziek en geschreeuw als bij een kampioenschap darten. We zijn het zat en vertrekken een beetje hals over kop bij zonsondergang naar Alvor terug en zelfs daar is het vanuit de verte te horen.


We willen nog graag een zeiltochtje maken. Half november start Frits om 6u50 de motoren en hoor ik de ankerketting rammelen. Vroeg zeg. De lucht in het oosten is rozerood , er staat een deining van meer dan 1 meter en het is 10 graden.  Om 7u30 springt de rode zon plots boven de horizon uit. Al snel warmt hij de wereld op en de handschoenen en jas kunnen uit. Later op de dag zitten we zelfs in korte broek op het voordek te genieten. De deining is onregelmatig van kleine tot plots hoge langgerekte golven. In elke golftop tot aan de horizon wordt de felle zon weerspiegelt als flikkerende lampen bij een wegafzetting of gevaarlijke bocht. Tot Vilamoura kunnen we goed zeilen, daarna moet 1 motor bij. In de kuip is het zo warm dat de bikini aan kan. Dat is toch heel bijzonder. Ook de Portugezen zeggen dat dit een uitzonderlijk warme novembermaand is. Omdat we al om 15u bij Faro zijn besluiten we door te varen naar Ayamonte aan de ingang van de Rio Guadiana. We hebben er heel veel zin in om eens terug in Spanje te zijn. De wind valt weg en de laatste uren moeten we op de motor. De avond voelt zelfs in het donker zwoel. Langs verlichte boeien en geholpen door de maan vinden we onze weg naar binnen. Het is 19u30 en pikkedonker als we na 67,50 Mijl het anker er in gooien. Tevreden gaan we die avond slapen.



Ik slaap diep en merk niets van buiten totdat ik de motoren hoor starten. Ik snap er niets van totdat Frits me roept om er bij te komen. Hij is wakker geworden met het gevoel dat iets niet klopte. Toen hij naar buiten keek zag hij een andere ankerende boot en het strand dichterbij komen. Ons anker houdt niet! Snel schiet ik kleren aan en ren met een zaklamp naar het voordek. Frits houdt de boot vrij van de andere boot en haalt de ketting in. Ik zie dat de ketting drie keer om het anker gedraaid zit. Door wind tegen tij is de boot veelvuldig gaan draaien en is de ketting onder het anker gekomen. Nu ruilen we onze positie: Frits moet de ketting zien vrij te krijgen van het anker en ik moet de boot in het donker langs de boeien en tegemoetkomende vissersbootjes sturen. Ik sta te trillen op mijn benen van de kou en van de spanning. Het lukt Frits en we zoeken een nieuwe ankerplek. Het waait de hele nacht en de volgende ochtend stevig door. We besluiten de rust van de haven op te zoeken. Heerlijk. De rust is een genot. Er zijn bijna geen buitenlandse jachten; de paar gepensioneerde buren liggen verderop.


De wind is gaan liggen en het is weer zomers warm . Wat een gemak om het centrum in te kunnen lopen voor tapas op een terras in de zon zonder de zomerdrukte; markt en supermarkt, wasmachine en droger… alles bij de hand. We treffen er Ruud en Ulla. Ruud kennen we al van 41 jaar geleden toen we elkaar troffen in Noord Spanje. Hij heeft nog steeds het stuk grond met zelfgebouwd huis aan de Rio Guadiana en zijn zeilboot waar ze vele jaren mee gezeild hebben. Nu is hij 82 en doet wat rustiger aan!





Na 5 weken onafgebroken  zomeren wordt nu een frissere periode met af en toe regenbuien en harde wind voorspeld. Geen weer om terug te varen naar Portimão. Toevallig bedenken we hetzelfde plan: we rijden met een huurauto naar mijn ouders in Almuñecar voor een paar dagen. De avond voor vertrek verandert de lucht heel duidelijk. De ochtend dat we naar het havenkantoor moeten lopen waar de auto gebracht wordt , onweert het en valt de regen met vele bakken tegelijk naar beneden. De grote paraplu mag niet baten. Als we met onze bagage het havenkantoor bereiken zijn we tot op ons ondergoed doorweekt. We waren niet zo slim om regenjassen aan te trekken maar wel om een grote badhanddoek mee te nemen. Ik moet er nogal als een verzopen katje uitgezien hebben want de vrouw van het havenkantoor kijkt me medelijdend aan en haalt een handvol papieren handdoekjes. 


We zetten de kachel in de auto op de hoogste stand om ons droog te blazen. Het regent nog een hele tijd maar bij Malaga breekt dan eindelijk de lucht en is het eerste blauw weer te zien. Reizen door Spanje is altijd leuk. Prachtig bergachtig landschap met terracottarode, strandwitte of okergele aarde, bespikkeld met olijfboomgaarden die altijd groen blijven met hun zachtgroene blaadjes . Platanen en andere bomen verkleuren en stralen een herfstige sfeer uit met hun geel wordende blad.


De tamme kastanjes zijn een lekkernij en de mandarijnen- en sinaasappelbomen zijn voldragen zwanger van hun vruchten.



We verblijven in een hotel in Almuñecar en zien mijn ouders elke dag een paar uur om het niet al te vermoeiend te maken. Mijn moeder is het heerlijke koken nog niet verleerd. Het is gezellig met hen . Helaas zit echt even lekker knuffelen er nog steeds niet in. Iedereen blijft voorzichtig.                         De laatste nacht regent en waait het heel hard. De palmbladeren van de hoge palmen zwiepen in de wind en het rolluik voor de balkondeur rammelt en slaat met harde klappen. Ik haal hem omhoog en val diep in slaap na 2 nachten van minder goed slapen. Ik heb niet gehoord dat iets met een grote klap naar beneden is gevallen in het hotel en dat er vannacht getimmerd werd.

Het uitzicht over de zee en de bergen vanaf het dakterras bij mijn ouders blijft onveranderd mooi. Ook het strand zelf verandert niet.




De terugreis is zonnig en met minder wind. We zijn al om 8 uur vertrokken en ontbijten ergens onderweg. Het wegrestaurant zit nagenoeg vol met vooral mannen. Spanjaarden ontbijten vaak niet thuis maar met vrienden in een bar/restaurant of onderweg naar hun werk.                                         Het eerste zonlicht op de bergen als we bij Almuñecar wegrijden is van goud. De maan, eerst nog fel, kan geen afscheid nemen. Hij reist uren met ons mee, steeds vager  wordend , totdat hij opgeslokt wordt door een wolk en ons spoor bijster is. Tussen de heuvels en bergen hangen verdwaalde mistflarden op zoek naar een uitweg.





[Wat we niet hebben kunnen vermoeden is dat vier dagen na ons vertrek uit Spanje mijn vader plotseling ernstig ziek wordt en opgenomen wordt in het ziekenhuis. In de nacht van 30 november rijden we in een huurauto weer naar Almuñecar. De weg is verlicht door vele sterren en een klein fel  maansikkeltje , liggend op zijn rug. Ik denk aan het kinderboek van Eric Carle : "Papa, pak je de maan voor mij?"  In mijn fantasie klap ik de bladzijde uit met de lange ladder en klim ik met hem naar de maan. Onderweg krijgen we telefoon dat hij is overleden op 1 december op 91 jarige leeftijd. Mijn beide broers en zussen zijn er ook om ons verdriet met mijn moeder te delen. Een dag later is de crematie; zo gaat dat in Spanje. We zijn ondanks alles opgelucht dat hij niet meer hoeft te lijden.]

De volgende dag, 24 november,  is Frits al in het donker met lijnen bezig. We ontbijten en varen in het eerste licht de haven uit. Altijd een speciale sfeer. We hebben veel kleren aan deze keer want het is slechts 8 graden. Rond 7u30 springt de rode zon als een snelle rijzende ster boven de zee uit, verschiet geel van kleur en warmt ons snel op. We hebben de eerste uren alles mee: wind, golven, stroom en zon. We kunnen zeilen en zien groepen dolfijnen onze kant op zwemmen in traag duikend tempo. Ze zijn niet van zin dichterbij te komen.  Vanaf het land trekt een zwaar bewolkte lucht over zee en we zien de regenflarden het land raken. We ontspringen 2 keer de dans en blijven droog. Het laatste uur valt de wind weg en varen we op de motor naar de ingang van Faro en ankeren  voor een klein strandje bij Ilha Deserta. In de zomer een geliefde plek voor ankeraars en zondagsmensen. Nu zijn we alleen. Van 5 uur lang buiten staan zijn we toch wel koud geworden. Wat is dan heerlijker dan een gaskachel die snort en lekker eten.







Een dagje rust op deze mooie plek is geen straf. Het is 25 november en in de kuip in de zon is het zo warm dat we buiten kunnen ontbijten. De wind is fris maar daar merken we in de kuip niets van. Ik zwem zelfs nog twee keer per dag in het koude water. Een voorbijvarende visser wijst nog net niet naar zijn voorhoofd. De middag is donker en regenachtig en de kachel gaat aan. 




Een dag later begint onze allerlaatste zeildag van het seizoen vroeg en we zien de zon weer prachtig opkomen boven de zee. Hij schijnt recht de kuip in, de wind komt schuin van voren in en we kunnen een uur lang heerlijk zeilen zonder motorgeronk. Het genot duurt precies een uur. Dan valt de wind weg of wordt wisselvallig .Ik sta de eerste uren op het bankje .Mijn rug en benen gloeien in de zon als de spiralen het nieuwe straalkacheltje. Mijn gezicht en neus boven het dak van de tent in de frisse wind tintelen als het diepvriesvakje in de koelkast. Geen beter medicijn tegen migraine dan dit. De hemel is schoongewassen blauw na gisteren. Plots wakkert de wind aan en stuiven we er vandoor. We varen dicht onder de prachtige rotskust , een en al gatenkaas van de uitgesleten kliffen. 


We ankeren deze keer op ons favoriete plekje , een ondieper kommetje bij Ferragudo, in de veronderstelling dat er geen cruiseschepen meer komen. In het verleden zijn we er een paar keer weggejaagd.





Nu gaat het goed. Rob en Ineke staan op de wal om hun catamaran in de coppercoat te zetten. Rob heeft veel geholpen met de watermaker; Frits kan hem nu helpen met een bak onder het voordek waar een nieuwe vloer in moet gemaakt worden met glasmat en epoxy. En zo helpen we elkaar en is het gezellig samen, zelfs boodschappen doen!

Ze pikken ons op met hun bijboot om een jongen uit te zwaaien die op het punt staat om te vertrekken vanuit de haven van Portimȃo om roeiend de oversteek te maken naar het Caribisch Gebied. Dat vind ik pas durven. Al is het dan een goed uitgeruste roeiboot met kleine kajuit en een watermaker van Rob aan boord en voedselpakketjes voor elke dag , dan nog lijkt het me vooral donker, eenzaam en griezelig laag op het water. De jongen heeft er alle vertrouwen in en is met stille trom vertrokken voor zijn waarschijnlijk 3 maanden durend roeiavontuur. Alleen Rob, Ineke en wij hebben hem begeleid met de bijboot en hebben zijn vertrek vastgelegd op foto en video totdat hij het zeegat uit was en hij het verder alleen moet doen onder een grijs gebroken wolkendek dat dit moment een apart sfeertje geeft.

Foto Ineke



Foto Ineke

Julen is te volgen op https://julensan.travelmap.net

Rowing across the Atlantic Ocean – Julen

TravelMap itenerary: rowing julensan.travelmap.net


Goede vaart en mogen de weergoden met je zijn !

Positie na één dag: